Preek 3 februari

Preek over kwetsbaarheid

Als het gaat over verbinding maken is kwetsbaarheid een belangrijk thema. Durf je echt verbinding te maken, door kwetsbaar te zijn en je masker af te zetten?

Schriftlezing: Gen. 2: 4-7, 18 / 1 Joh. 4: 7-21

Als introductie keken we een fragment van het ‘Tuneless Choir’ een koor van mensen die niet kunnen zingen, maar het wel graag doen. Opvallend in dit fragment was de ruimte die de koorleden ervaren: omdat niemand kan zingen wordt er ook niemand met de nek aangekeken. Het koor was een veilige plek. Koorleden hoeven niet de schijn op te houden. Ze mogen er zijn.

En ik zat me in het kader van ons jaarthema: samen één af te vragen of wij als gemeente niet wat meer op dit koor zouden moeten lijken… op dat niveau samen verbinding maken, die vrijheid en veiligheid vinden, hier bij elkaar in de gemeente.

Is onze gemeente een veilige plek? Is het een oefenplaats in het navolgen van de Heer? Durven we onze maskers af te zetten? En durven we laten zien wat daar achter zit? Of doen we ons groter, sterker, vromer, beter voor dan we zijn? Als het vandaag gaat over kwetsbaarheid en openheid hier in de kerk, gaat het om zulke maskers. Durven we die af te zetten? Dat is heel spannend. Het vraagt liefde en fijngevoeligheid. Want juist als je kwetsbaar durft te zijn, kun je ook makkelijk gekwetst worden. Dat is één van de redenen waarom we zo vaak juist een masker opzetten. En muren om ons heen bouwen. Uit een soort zelfbescherming. En dus gaat je kwetsbaar durven opstellen, open durven zijn juist ook over een veilig klimaat.

Geliefde broeders en zusters, laten we elkaar liefhebben, want de liefde komt uit God voort. Het wezenlijke van de liefde is niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat hij ons heeft liefgehad en zijn Zoon heeft gezonden om verzoening te brengen voor onze zonden. Voor de zonden van je broers en zussen, maar ook voor die van jou. Geliefde broeders en zusters, als God ons zo heeft liefgehad moeten we ook elkaar liefhebben. (1 Joh. 4, 1, 10-11).

Die overstelpende liefde van God maakt dat we ook in liefde naar de ander kunnen kijken. We zijn kwetsbare mensen, geschapen uit stof. En tegelijk is die kwetsbaarheid een kans omdat we van genade moeten leven. Dat wordt zichtbaar aan het kruis.

Juist in de viering van het avondmaal (dat we deze zondag vierden) zien we Christus. Staan we stil bij zijn lijden. Bij zijn kwetsbaarheid. Maar Hij was niet alleen kwetsbaar, Jaarthema samen één maart 2019 11 Hij liet zich ook kwetsen. Ja, Hij droeg zelfs de schuld. En ligt daarin niet onze kracht? In Zijn zwakheid? Paulus laat het ons zien, als hij schrijft over de verbinding tussen kwetsbaarheid en kracht in 1 Kor. 1: 22-25 en ook in 2 Kor. 12: 7-10.

Hij noemt mensen een aarden pot voor het evangelie van Gods genade: een pot met scheuren en barsten (2 Kor. 4: 7). Herkenbaar? Laten we daar ook naar elkaar toe maar eerlijk over zijn.

Laten we niet doen alsof we vaten zijn van goud. Nee, we zijn zo lek als een mandje, met scheuren en barsten. Als God ons in zijn genade niet zelf vasthoudt en aanneemt, blijven we nergens. Laten we elkaar daarin niet voor de gek houden. Samen de schone schijn ophouden. Maar samen leven van Gods genade.

Vragen voor de bespreking:

-Ervaar je onze gemeente als een veilige plek? Waarom wel/ niet?

-Herken je het bevrijdende wat de koorleden van het Tuneless Choir beschrijven? Wat leer je ervan, als je zo eens naar de gemeente kijkt?

-Wat raakt je in de Bijbelgedeelten die we lazen? Waarom?

-Wat vind je van dat beeld dat Paulus gebruikt van een schat in een aarden pot? Helpt het je verder?

-Lees 2 Kor. 12: 7-10 helpt dit gedeelte je om kwetsbaarheid en genade aan elkaar te verbinden? Hoe?

-Ervaar je de viering van het avondmaal als samen leven van Gods genade? Waarom wel/ waarom niet?